MYANMAR / BIRMA - 29 DAGEN.
We beginnen onze reis door Myanmar met een bezoek aan de hoofdstad Yangoon. De indrukwekkende Shwedagon-pagode maakt direct duidelijk waarom Myanmar bekend staat als het land van de pagodes. Van verre schittert deze Gouden Pagode je tegemoet. Van dichtbij valt het vakmanschap op waarmee de pagode gebouwd is. Duizenden pelgrims doneren bladgoud en geld om de pagode verder te verfraaien en voor zichzelf een goed leven af te smeken.

We reizen per bus naar Bago, de voormalige koninklijke hoofdstad. In de omgeving staat de Gouden Rots-pagode enigszins scheef op een met bladgoud bedekte rots. De wandeling naar de pagode wordt beloond met een prachtig uitzicht over het platteland. Britse kolonisten ontsnapten in het verleden in Kalaw aan de hitte van het laagland. In de schitterende omgeving van dit ‘hill-resort’ maken we een tweedaagse trek naar de Pa Laung-bevolking. Deze mensen wonen in ‘long houses’, grote paalwoningen waarin tien tot vijftien families hun onderkomen vinden. Hoog boven de grond slapen we in een vrijgemaakte hoek van het huis.

Via Pindaya, beroemd om de Gouden Grot met duizenden boeddhabeelden, rijden we verder naar het Inle-meer. Dit meer is omgeven door hoge bergruggen en bekend om de vissers die met de benen hun roeiboot voortbewegen. Eénmaal in de vijf dagen is dit meer het toneel van een grote drijvende markt. Je kunt er overigens ook lekker in zwemmen. Verder is het platteland zeer geschikt om fietstochten te maken. Na een lange busreis komen we aan in Mandalay. Het stadsgezicht wordt gedomineerd door de Mandalay-heuvel en het oude paleis. Als je over de honderden treden de top van de Mandalay-heuvel hebt bereikt, ligt de stad aan je voeten. De eerste excursie vanuit Mandalay gaat per boot naar Mingun. Hier tref je de overblijfselen aan van de grootste pagode ter wereld, de Mingun-pagode. Zo veel bakstenen heb je nog nooit gezien! De bijbehorende klok van negentig ton is nog steeds te bewonderen. Ook een bezoek aan het hill-resort Maymyo staat op ons programma. De aangename temperatuur in deze bergplaats is een verademing na de hitte van de laagvlakte van Mandalay. Natuurlijk gebruiken we een ‘high tea’ in het koloniale Canda Graig Hotel.

De verlaten ruïnesteden Ava en Amarapura bezoeken we op weg naar het weinig door buitenlanders bezochte Monywa. Tempelliefhebbers komen hier zeker aan hun trekken. Maar Monywa is ook een belangrijke handels- en marktplaats voor de omgeving, met alle bedrijvigheid vandien. Van Mand alay varen we naar Bagan. Tegen de avond naderen we deze enorme vlakte met honderden tempels en stupa’s. Twee hele dagen hebben we de tijd om de vlakte per paardenkar of fiets te verkennen. Dit landschap is met geen pen te beschrijven. Zover als je kunt kijken, zie je oude pagodes en tempels opdoemen. Vanuit Bagan zullen we ook een excursie maken naar de vulkanische berg Popa, thuisbasis van de nats (geesten). De deelnemers aan de vierweekse reis rijden verder naar de delta van de Ayeyarwady-rivier.

In Pathein zijn natuurlijk weer tempels te bewonderen, maar je kunt ook lui op een terrasje of onder de palmbomen aan het strand van Chaungtha gaan zitten. De diepblauwe zee nodigt uit tot een frisse duik. Na een laatste dag in Yangoon is het tijd om weer in het vliegtuig te stappen. Het einde van een bezoek aan het fascinerende Myanmar.

PROGRAMMA
Dag 1-2 Vlucht naar Yangoon
Dag 3 Yangoon
Dag 4 Bago
Dag 5 Gouden Rots-Pagode
Dag 6 Toungoo
Dag 8-9 Kalaw
Dag 10 Inle-meer en Pindaya-grotten
Dag 11-12 Inle-meer
Dag 13-14 Mandelay
Dag 15 Maymyo
Dag 16-17 Ava en Amarapura
Dag 18-20 Bagan
Dag 21-22 Pyay
Dag 23 Pathein
Dag 24-25 Chaungtha-strand
Dag 26-28 Yangoon
Dag 29 Terugreis Amsterdam
ROUTEKAARTJE
BIRMA / MYANMAR: VAN DAG TOT DAG
Dag 1 vertrek uit Nederland of België.

Vlucht met China Airlines en Myanmar Airways via Bangkok naar Yangoon.

Dag 2 aankomst Yangoon.

Aan het begin van de avond landt het vliegtuig in Yangoon, de hoofdstad van Myanmar. De reisbegeleiding haalt je af van de luchthaven en brengt je naar ons hotel.

Dag 3 verblijf Yangoon.

De hele dag staat tot je beschikking om rond te lopen in Yangoon. Zo kun je vandaag een bezoek aan de wereldberoemde Shwedagon-pagode brengen. De 98 meter hoge en met bladgoud bedekte pagode is voor boeddhisten de heiligste plaats in Myanmar. Tijdens je bezoek word je dan ook vergezeld door honderden pelgrims of families die een dagje uit zijn. Jonge monniken worden hier ingewijd waarna de familie in een van de lokale restaurantjes het middageten gebruikt.

Wanneer je dorst krijgt van het slenteren langs alle bezienswaardigheden kun je je dorst lessen op een van de piepkleine theehuisjes waar thee geserveerd wordt. Al gauw word je aangesproken door omstanders en voor je het weet vliegt de tijd voorbij.

Dag 4 eigen bus Bago.

In de ochtend vertrekken we met onze eigen bus voor onze rondreis door Myanmar. Onze eerste stop is Bago. In twee uur tijd overbruggen we de tachtig kilometer die deze plaatsen scheidt. Onderweg bezoeken we de Kyaik Pun-pagode welke bestaat uit vier 30 meter hoge boeddha’s. Als we op tijd vertrekken, kunnen we in het klooster van Bago honderden monniken zien aanschuiven voor de lunch, de laatste maaltijd van de dag. In de keukens van het klooster worden enorme potten rijst klaargemaakt. Je mag zelfs binnenkijken in de slaapkamers waar de monniken allemaal samen slapen op matjes.

Bago is een nog weinig toeristische plaats waar je de tijd al fietsend kunt doorbrengen met een bezoek aan de veelvuldig door aardbevingen verwoeste Shwemawdaw-pagode of de ‘Liggende Boeddha van Shwethalyaung’. Deze liggende boeddha is meer dan 55 meter lang en 16 meter hoog! Ben je minder geïnteresseerd in boeddha’s en tempels, dan kun je je ook goed vermaken in Bago. De grote markt is altijd vol leven terwijl de omgeving van Bago zich goed leent voor het maken van een wandeling.

Treinliefhebbers kunnen hier (facultatief) ook al meteen de trein nemen. De rit duurt even lang als met de bus. Wel loop je natuurlijk de tempels die we onderweg met de bus bezoeken, mis.

Dag 5 excursie Gouden Rots-pagode.

Deze dag kun je een dagexcursie maken naar de Gouden Rots-pagode. Zoals alle excursies wordt dit uitstapje facultatief aangeboden. Kies je er voor om een extra dag uit te trekken voor Bago dan is dit natuurlijk ook mogelijk. Deelnemers aan de excursie zullen echter niet teleurgesteld worden. In werkelijkheid is de pagode nog indrukwekkender dan op de bekende foto’s. Na een busrit van ongeveer drie uur en een één uur durende tocht per pick-up, arriveer je aan de voet van de berg Kyaiktiyo. Hier vandaan loop je in een uur over een steile weg naar de top van de berg. Bovenop een bergrichel balanceert, de met bladgoud bedekte, rotsstupa. Ieder moment lijkt het alsof deze stupa van de berg zal afvallen. Vanaf de top heb je een mooi uitzicht over het platteland en soms zelfs tot aan de zee. Tijdens het bedevaart-seizoen (november tot en met maart) bezoek je samen met honderden boeddhistische monniken dit heiligdom.

Dag 6 eigen bus Toungoo.

Om de lange rit naar Kalaw te onderbreken, overnachten we in Toungoo. De zes uur durende rit brengt ons steeds verder naar het noorden. Afhankelijk van het seizoen waarin we reizen zien we rijstvelden waar geploegd, gezaaid of geoogst wordt. In de dorpjes langs de hoofdweg zie je heel veel Indische gezichten, vrouwen in kleurrijke sari’s. In de omgeving van Toungoo groeit verder o.a. ramboetan, custard appel, ananas, mandarijnen, rode bananen, koffie en tabak.

Dag 7 eigen bus Kalaw

Vandaag hebben we een lange rit voor de boeg. Langs kilometers van suikerrietvelden verlaten we de laagvlakte en trekken we de heuvels in. De vegetatie verandert van tropische struiken en woudreuzen in dennenbossen. Na een lange busrit van tien tot twaalf uur arriveren we in het op 1320 meter hoogte gelegen ‘hill resort’ Kalaw. Hier is de temperatuur veel gematigder. In de Britse tijd maakte Kalaw furore als plaats om te ontsnappen aan de verzengende hitte van de laagvlakte. Je vindt hier prachtige Britse ‘koloniale’ huizen, pagodes, kloosters, kerken, moskeeën, een sikh-, nepalese-, en hindi-tempel. De laatste is zo klein dat de speurtocht naar dit heiligdom je veel tijd kan kosten.

Dag 8-9 verblijf Kalaw / wandeling Palaung-, Danu- en Pa’o-dorpen

Onder begeleiding van een lokale gids maken we een tweedaagse wandeling langs verschillende Palaung-, Danu- en Pa’o-dorpen. De vrouwen van de Palaung dragen kleurrijke blauwe en rode kleren. De meeste dorpen zijn opgebouwd uit verschillende ‘long houses’, grote paalwoningen waarin verschillende families wonen. In de dorpen trek je veel bekijks en vertelt de lokale gids meer over de traditionele gebruiken van de inwoners. In de omgeving van deze dorpen wordt ‘tanapet’ verbouwd, de grondstof voor het maken van de lokale sigaren. De minderheden zijn heel gastvrij en nodigen je met plezier uit voor een kopje zelfgekweekte thee.

Tijdens de wandelingen lopen we over karrensporen door schitterende rijstvelden en bamboebossen. Het terrein is enigszins heuvelachtig, soms dichtbegroeid, soms geheel open zodat je van vergezichten kunt genieten.

Afhankelijk van onze route overnachten we in het lokale klooster, in een ‘long house’ of in een klein guesthouse boven op een ‘view point’. Vanzelfsprekend zijn deze overnachtingsmogelijkheden zeer eenvoudig van aard. Een dun matrasje en dekens zijn aanwezig, een muskietennet niet.

Een groot voordeel van dit gebied is dat er veel afwisselende wandelingen met een verschillende moelijkheids graad en lengte mogelijk zijn. Zo kunnen we de wandelingen aanpassen aan de wensen van de deelnemers. Overigens, kies je liever voor meer comfort, dan kun je ook dagwandelingen maken vanuit Kalaw en gewoon overnachten in ons hotel ter plaatse.

N.B.:
Een ieder met een redelijke conditie kan deelnemen aan deze tweedaagse wandeling. Omdat we de meeste bagage achterlaten in Kalaw hoef je alleen het hoognodige zelf te dragen. Goede wandelschoenen met voldoende profiel zijn wel een vereiste. Tijdens het regenseizoen kunnen de wandelpaden modderig en glibberig zijn.

Dag 10 eigen bus Inle-meer via de Pindaya-grotten.

Vandaag hebben we een korte rit voor de boeg. Onze eerste bestemming zijn de Pindaya-grotten. Onderweg rijden we door een heuvelachtig landschap, een lapjesdeken van sesam- en mosterdzaad-velden. Overal zie je Pa’o- minderheden aan het werk, ossenkaren vol bloemkool en monniken schuilen onder de lokaal geproduceerde Shan- parasolletjes van papier.

We kunnen via een lange en steile trap de hoofdingang van de Pindaya-grotten bereiken, of we laten ons door de bus vlak bij de ingang afzetten. In deze kalksteen-grotten staan volgens de laatste schattingen 8094 houten, stenen, koperen, albasten, marmeren, cementen en lakwerken boeddha-beelden opgesteld. Zodra je de grot op blote voeten binnenkomt straalt het bladgoud je tegemoet. Loop je verder dan kom je in een grote hoge grot waarin een doolhof van paden vol boeddha’s is ontstaan. Verder weg worden de afbeeldingen van boeddha steeds ouder, en heb je een zaklamp nodig om ze te bewonderen. Sommige beelden zijn alleen maar te zien, wanneer je vochtige en zeer donkere spelonken inkruipt. Achter iedere hoek staan weer nieuwe beelden opgesteld. We overnachten in het dorpje Nyaungshwe dat de toegang tot het Inle-meer is.

Dag 11-12 verblijf Inle-meer

Twee hele dagen trekken we uit om het Inle-meer en omgeving te verkennen. Het 22 kilometer lange en 11 kilometer brede Inle-meer is schitterend gelegen, en geheel omgeven door bergen.

Elke dag is het bij het Inle-meer wel ergens marktdag, volgens een vijf dagen roulatiesysteem. Deze markten zijn alleen per boot bereikbaar. Van heinde en verre komen minderheden en potentiële kopers uit de omliggende bergen om de weekmarkt te bezoeken. Groente en fruit, pannen en potten, gereedschap en soms hele boten, wisselen van eigenaar.

De andere dag die we hier doorbrengen kun je invullen op de manier die je zelf het aantrekkelijkst lijkt. Het is mogelijk om een boot af te huren en op het meer te kijken naar de vissers die hun roeiboot op een heel bijzondere manier voortbewegen, ze roeien namelijk met hun voeten. Je kunt op en aan het meer zilversmeden, zijde- en sigarenfabriekjes en de drijvende tuinen bezoeken. Onderweg leg je ongetwijfeld aan bij het Nga Phe-klooster.

Je kunt deze dag ook benutten om met de fiets de omgeving te verkennen of om een pittige dagwandeling te maken. Deelnemers aan de wandeling vertrekken ’s morgens vroeg. Het pad gaat flink omhoog, boven gekomen word je beloond met een prachtig uitzicht en kun je een Pa’o-dorp bezoeken. Weer afgedaald staat het bootje voor je klaar om je terug naar Nyaungswe te vervoeren.

De Shan-keuken is heel vermaard in Myanmar, vooral de vis uit het meer wordt heel lekker klaargemaakt. ’s Avonds moet je zeker eens een visgerecht proberen in één van de vele lokale restaurantjes.

Het verblijf rond het Inle-meer is dan ook absoluut één van de hoogtepunten van onze reis.

Dag 13 eigen bus Mandalay.

Een lange busrit van acht uur brengt ons vervolgens naar Mandalay, de qua inwonersaantal tweede stad van Myanmar. Hier is de Chinese invloed onmiskenbaar. De onvermijdelijke Chinese restaurantjes, de vele gebruiksartikelen uit China en de Chinese handelaren bepalen het straatbeeld.

Dag 14 verblijf Mandalay

Mandalay’s stadsgezicht wordt gedomineerd door de Mandalay-heuvel (230 meter hoog). Vanaf deze berg heb je een indrukwekkend uitzicht over de vele pagodes, het vroegere Mandalay-paleis, de Ayeyarwady-rivier en het omliggende platteland. Het Mandalay-paleis werd gebouwd om de 50 vrouwen en concubines van koning Mindon te huisvesten. Tijdens de Tweede Wereldoorlog is dit ommuurde paleizencomplex grotendeels afgebrand, en nu staan alleen het Shwesandaw-klooster en de roodgeschilderde buitenmuren nog overeind.

In Mandalay moet je ook zeker het Buffalo Point aan de Ayeyarwady-rivier bezoeken. Zoals de naam al aangeeft worden hier buffels ingeschakeld om grote boomstammen uit de rivier te slepen zodat ze per vrachtwagen naar hun uiteindelijk bestemming gebracht kunnen worden. Dit bezoek valt goed te combineren met een ontspannende boottocht naar Mingun. In Mingun zijn de overblijfselen van de Mingun-pagode te vinden. In 1790 is aan de bouw begonnen van wat eens de grootste pagode ter wereld zou moeten worden. Onderlinge twisten en een alles vernietigende aardbeving hebben er voor gezorgd dat de geplande 150 meter hoogte nooit is gehaald. Nu resteert slechts de nog steeds zeer imposante sokkel van de pagode. Een vier meter hoge en 9000 kilo wegende klok kan hier ook bewonderd worden, één van de grootste ter wereld!

’s Avonds mag een bezoek aan het lokale marionettentheater of de pwe (een combinatie van zang, dans en cabaret) zeker niet ontbreken. Hoewel de Birmese jeugd meer ziet in moderne popmuziek, kunnen deze traditionele kunstvormen zich toch nog goed handhaven en neemt de belangstelling gelukkig weer toe.

Mandalay beschikt over een aantal zeer goede ijssalons waar je de heerlijkste ijssmaken kunt proeven. De Nylon Cold Drinks Bar heeft inmiddels een zekere reputatie opgebouwd bij deelnemers aan onze reizen. IJsjes, milkshakes, pudding en vruchtensappen zijn de ideale dorstlessers.

Dag 15 excursie Maymyo.

Een volgende facultatieve excursie gaat naar het ‘hill resort’ Maymyo. Net zoals bij Kalaw wordt een bezoek aan deze plaats gebruikt om de hitte van de laagvlakten te ontvluchten. Een drie uur durende rit per lokale pick-up brengt je in Maymyo. Hier is het heerlijk wandelen, bijvoorbeeld in de Botanische Tuinen, maar je kunt je ook door de paardenkoets laten rondrijden. ’s Middags kun je genieten van een lunch in het Candagraig Hotel. Hier herleven de Engelse koloniale tijden!

Liefhebbers kunnen ook een bezoek brengen aan de 27 kilometer verderop gelegen Peik Chin Myaung-grotten. Het bijzondere van dit boeddhistisch heiligdom is dat deze grot doorsneden wordt door een rivier. Sommige reizigers vinden dit grotten-complex nog indrukwekkender dan haar tegenhanger in Pindaya. In ieder geval ontbreekt de bijbehorende ‘kermis’ niet.

Natuurliefhebbers kunnen een pittige afdaling van een uur maken naar de Aniseken-watervallen. Vooral vlak na het regenseizoen zijn deze watervallen zeer indrukwekkend. Je kunt hier zwemmen in een van de poelen voordat je de zeer steile weg naar boven weer beklimt.

Dag 16-17 eigen bus Monywa via Ava en Amarapura.

In de directe omgeving van Mandalay ligt een aantal ‘verlaten steden’, voormalige hoofdsteden van oude koninkrijken. Sinds de val van Bagan hebben de steden Ava, Amarapura en Sagaing constant stuivertje gewisseld als hoofdstad van Myanmar. Nu kun je in deze ruïne-steden opgravingen bezoeken, tempels bekijken en je verwonderen over de grootsheid van deze plaatsen.

Ava is meer dan 400 jaar de hoofdstad van Birma geweest. Steeds weer werd de stad belegerd door vijandige volkeren, maar uiteindelijk leidde een zware aardbeving in 1838 tot de verwoesting van de stad. Ava is een kunstmatig eiland waar de tijd schijnt te hebben stilgestaan. Na de regentijd kan je in een paardenkar genieten van een prachtig landschap en tempels die schitteren in ondergelopen velden. Vanuit Ava kun je met een bootje de Ayeyarwaddy oversteken naar Sagaing. Hier heb je een mooi uitzicht over een door de Britten aangelegde brug. Na de lunch rijden we in minder dan drie uur naar Monywa. Onderweg valt het zeer droge en verlaten landschap op.

Monywa is nog maar in zeer weinig programma’s van buitenlandse touroperators opgenomen. Toch heeft deze plaats veel te bieden. In de omgeving bezoeken we zeker het Thanboddhay-tempelcomplex. Dit complex is met geen ander in Myanmar te vergelijken. Het aantal boeddha-beelden dat zich hier bevindt is ongekend: 582.363. In de buurt vind je zowel de grootste liggende als staande Boeddha van Myanmar. Binnen het complex ligt ook de Duizend Boeddha Beelden-tuin, waarvan er inmiddels drie zijn! Nog steeds worden hier nieuwe boeddha-beelden gebouwd en bomen geplant. De Efteling van Birma is dan ook de bijnaam van dit complex! Wie geïnteresseerd is kan zelf bij de monnik op audiëntie gaan, mits hij natuurlijk thuis is.

De volgende ochtend kunnen we in een excursie de Po Win Daung-grotten en de Schweba-heuvel bezoeken. We charteren ter plaatse een jeep of een pick-up. Vanaf het dak heb je een mooi uitzicht. Eerst nemen we de eerste ferry over de Chindwin-rivier. Het gebied waar we nu door rijden is sinds waarschijnlijk 30 miljoen jaar bewoond geweest. Na 45 minuten bereiken we de Po Win Daung-grotten. In de meestal uitgehouwen grotten staan duizenden boeddha’s uit de veertiende tot de achttiende eeuw. Sommige grotten bevatten prachtige muurschilderingen. Het geheel is niet gerestaureerd en wordt door heel weinig toeristen bezocht.

In de namiddag rijden we verder naar Amarapura, elf kilometer ten zuiden van Mandalay. Van het oude paleis is weinig meer over, toch is deze plaats het bezoeken waard. Niet alleen vind je hier het Bagaya Kyau, één van de grootste houten kloosters van Myanmar, maar ook de indrukwekkende U Bein’s-brug. Deze 1200 meter lange teakhouten loopbrug verbindt de oevers van het Taungthaman-meer. Dit is een ideale plaats om de zonsondergang te bewonderen en een borrel op een van de vele terrasjes te nemen. Ook kun je er voor kiezen een boottocht op de rivier te maken.

Dag 18 boot Bagan.

Deze hele dag trekken we uit om met de openbare boot van Mandalay naar Bagan te varen. ’s Ochtends vroeg vertrekken we al om vijf uur vanaf ons hotel om naar de haven te rijden. Op de boot aangekomen installeren we ons op het bovendek in de stoelen. Afhankelijk van de boot kun je ook binnen zitten en zelfs een video bekijken. In tien tot twaalf uur tijd zakken we de Ayeyarwady-rivier af naar Bagan. Onderweg wordt aangelegd in kleine dorpjes. Luierend aan dek, een boek lezend, genietend van het platteland, foto’s makend of kletsend, komen we de dag door. Afhankelijk van de boot kom je tussen twee en zeven uur in Bagan aan.

Dag 19-20 verblijf Bagan / excursie Mount Popa.

Zonder overdrijven kan gesteld worden dat Bagan één van de belangrijkste en indrukwekkendste cultuurmonumenten van Azië is; het is te vergelijken met de Borobodur in Indonesië en Angkor Wat in Cambodja. Een gebied van 40 vierkante kilometer is volgebouwd met duizenden tempels, pagodes en paleizen. En toch heeft de bloeitijd van Bagan maar 200 jaar geduurd. In 1057 na Christus werd onder leiding van koning Anawrahta het staatje Thaton veroverd. Het bezettingsleger nam de meeste boeddhistische geschriften en relikwieën in beslag en deze werden, samen met 30.000 gevangenen, naar Bagan vervoerd. Al snel werd begonnen met een immens bouwprogramma en ontwikkelde Bagan zich tot een religieus centrum voor het Theravada-Boeddhisme. Ook Marco Polo bezocht Bagan en was zeer onder de indruk. Aan deze bloeiperiode kwam abrupt een einde toen Bagan in 1287 ingenomen werd door gevreesde Mongoolse legers van Kublai Khan. Dit is nog te zien bij de Payathonzu-tempel waar de muurschilderingen niet afgemaakt konden worden.

Na de zware aardbeving in 1975 is Bagan met internationale en nationale steun gerestaureerd. Zelfs nu zul je nog herstelwerkzaamheden zien. Je zult een verblijf in Bagan omringd door alle architectonische pracht en praal niet snel vergeten.

Per fiets of per paardenkar kun je de omgeving verkennen en je laten onderdompelen in de schoonheid van en overvloed aan tempels en pagodes in Bagan. Tempels die je niet mag missen zijn de Swesandaw-, Shwezigon-, Thatbyinnyu-, Gawdawpalin-complexen. Je zult ogen te kort komen om alles te zien.

Ben je ‘uitgekeken’ op alle tempels, dan kun je naar het dorpje Nyaung U fietsen. Hier kun je een bootje huren om de bedrijvigheid aan het water gade te slaan of om een aantal grotten te bezoeken. Een theehuis met kabouterstoeltjes is gauw gevonden zodat je eindelijk je meegenomen boek kunt uitlezen. Thee, ijsjes en heerlijke lassi veraangenamen je verblijf. Naast haar tempels is Bagan ook bekend om het prachtige lakwerk. In het dorpje Myinkaba kun je zien hoe dit lange proces in zijn werk gaat.

’s Avonds kun je heerlijk eten in één van de nieuwe restaurantjes die als paddestoelen uit de grond schieten. Ook een bezoek aan het marionetten-theater is de moeite waard.

Liefhebbers kunnen ook in een excursie een bezoek brengen aan de berg Popa. Deze 1520 meter hoge berg is de woonplaats van de ‘nats’ (geesten) en daarom een belangrijk pelgrimsoord. Bijgeloof verbiedt het dragen van rode of zwarte kleding. Natuurlijk zullen we de geesten niet verzoeken om zo geen tegenspoed over ons af te roepen. Tegenover de opgang van de trap staat het ‘Nat-huis’ waarin alle 37 nats te bewonderen zijn. Vaak zijn er net festivals aan de gang. Mediums proberen dan in trance te raken en en al dansend de welwillendheid van de Nats te vragen. In twintig minuten klim je naar de top van de heuvel waar een aantal kloosters en pagodes gelegen is en je van een mooi uitzicht kunt genieten.

Dag 21 eigen bus Pyay.

Vandaag hebben we een lange dag voor de boeg. De weg tussen Bagan en Pyay is slecht. In twaalf uur rijden we, vaak de bedding van de Ayeyarwady-rivier volgend, naar Pyay. Deze streek is dunbevolkt, we komen hier maar weinig mensen tegen. Toch is dit gebied belangijk in verband met de oliewinning. Je zult regelmatig ja-knikkers zien. Onderweg lunchen we in Magwe.

Dag 22 verblijf Pyay.

Pyay is een sfeervol plaatsje dat gedomineerd wordt door de Shwesandaw-pagode. Wat het stadje bijzonder maakt is de Birmese sfeer die je hier proeft. Een gewoon stadje zoals er zo vele zijn, waarin een groot deel van de Birmese bevolking leeft.

In de omgeving van Pyay is wel een aantal excursies te maken. Liefhebbers van tempels en pagodes kunnen hun hart ophalen bij een bezoek aan de Bawbawgyi- en Bebe-pagode, die een andere vorm hebben dan de pagodes die je tot nu toe hebt gezien. Dit zijn de oudste pagodes van Myanmar. Deze pagodes liggen op een uur lopen van het plaatselijke museum. Ideaal is het om hier voor een paar uurtjes een paarden- of ossenkar te huren. Het is een zeer geschikte manier om het platteland te verkennen.

Zeer bijzonder is de Shwemyetman-pagode. Deze zittende boeddha draagt namelijk een enorme bril! Het lijkt wel een persiflage op alle boeddha-beelden die je tot nu toe gezien hebt. De nabijgelegen Shwenattaung-pagode is prachtig gelegen in de rijstvelden. Niet voor niets is deze plaats in Myanmar bekend om de rijstnoedels. Verschillende restaurantjes verkopen deze lokale specialiteit.

Dag 23 eigen bus Pathein.

In zeven uur tijd rijden we van Pyay, via de ooit rijkste rijstschuur van Azië, naar Pathein. Onderweg rijden we door rivierbeddingen (meestal droog), over bruggen en langs dijkjes. We zijn nu aangekomen in de delta van de Ayeyarwady-rivier. Deze regio is nog maar in weinig reisprogramma’s opgenomen, terwijl je hier goed kennis kunt maken met het dagelijkse plattelandsleven. In de omgeving van Pathein zijn mooie wandelingen te maken. ’s Avonds komt het stadje tot leven en begint de avondmarkt waar de lokale lekkernijen, bijvoorbeeld halwa, het proberen waard zijn. Pathein staat bekend om de werkplaatsen waar mooie parasols gemaakt en zelfs beschilderd worden. Na flink onderhandelen kun je jezelf voor een paar gulden de trotse eigenaar van een parasol noemen.

Dag 24-25 bus / verblijf Chaungtha-strand.

Om Chaungtha te kunnen bereiken steken we ’s morgens met de veerboot de rivier over en rijden met onze bus de 36 kilometer naar het strand. Hier vind je een prachtig strand met mooie palmbomen die enige schaduw geven aan de strandaanbidders. Hoewel het minder beroemd is dan het strand bij Ngapali bezoeken veel inwoners van Yangoon hier de zee. Vaak deel je het strand met schoolklassen of grote families die per pick-up aangevoerd worden. Je kunt ook het vissersdorpje bezoeken en kijken wat er die dag aan verse vis, kreeft, garnalen of krab evangen is en deze later heerlijk in een van de restaurantjes oppeuzelen. Tegenover het vissersdorpje ligt een eilandje dat met een klein bootje te bezoeken is. Verwacht in Chaungtha geen druk strandleven met allerlei toeristische faciliteiten, de charme van dit plaatsje ligt vooral opgesloten in het feit dat het toerisme hier nog in zijn kinderschoenen staat. Alleen in het hoogseizoen (november-januari) komt het strandleven echt tot bloei en kun je paardrijden, kanovaren of je laten masseren op het strand.

N.B.:
Tijdens de moesson-maanden (juli-augustus) kan de regen en de sterke wind (hoge golven) een bezoek minder aantrekkelijk maken. Afhankelijk van het weer en de wensen van de deelnemers zal het programma worden aangepast.

Dag 26-28 verblijf Yangoon.

Afhankelijk van waar we vertrekken, Chaungtha of Pathein, rijden we in acht of vijf uur terug naar Yangoon. In Yangoon is er nog ruim de tijd om de laatste kyats op te maken op de grote Bgoyohe-markt, waar je bijna alles vindt; van souvenirs tot medicijnen. Ben je uitgekeken op Yangoon, dan kun je het omliggende platteland verkennen. Een leuke excursie is een bezoek aan Twante. Dit plattelandsdorp ligt op twee uur varen van Yangoon en is bekend om haar pottenbakkerijen en weverijen. Het is ook een ideale plaats om afscheid te nemen van het Birmese platteland. Na de lunch vertrekken we naar het vliegveld en nemen we afscheid van Myanmar.

Dag 29 aankomst in Nederland of België.

Copyright © 2006 Tekst: Koning Aap Laatste wijziging: 1 oktober 2010